Translate

dinsdag 22 september 2015

Gebeurt er "iets" tussen 23 september en 31 oktober ?

Het internet is al een tijd vergeven van berichten over een mogelijke grote gebeurtenis, een of andere calamiteit of crisis, die einde september of begin oktober in de Verenigde Staten zou plaatsvinden.   
Astrologen, numerologen en complotdenkers van allerlei slag hebben er een flinke kluif aan. Vermits ik zelf nogal wat ervaring heb met alternatieve invalshoeken, wens ik dit thema niet uit de weg te gaan.  Het probleem is natuurlijk dat er op de elektronische snelweg bijzonder veel wordt gepubliceerd en dat er, zonder factchecking, veel voor waarheid wordt aangenomen.  

Het is ook een merkwaardig massapsychologisch gegeven dat, als een grote groep mensen zich aan een bepaalde toekomstige gebeurtenis verwacht, er veelal gewoon niets gebeurt. Een klassiek voorbeeld daarvan is als de media en een keur aan financiële specialisten een beurscrash voorspellen.  Het verleden bewijst echter dat een beurspaniek zich dikwijls geheel onverwacht manifesteert, als een hartaanval.  En dat slechts weinigen het gevaar zien aankomen.

Ziehier een selectie van voorspellende artikels voor de komende dagen en weken :

De shemitah : een bijbelse waarschuwing en voorspelling

Shemitah of niet, deze maand vergaat de wereld

7 belangrijke gebeurtenissen die tegen het eind van september gaan gebeuren

Dit bericht kan uw gemoedsrust bedreigen

33 dingen die in de maand september staan te gebeuren

De bijzondere eclipsen van september 2015

The frequency shift into september 2015

Gerald Celente is predicting that a stock market crash will happen by the end of 2015

September 23 & September 24, 2015

Debt, Debt & more Debt 2015.75

The global economy is unwinding and the central banks are losing control











zaterdag 19 september 2015

Speculeren is dobbelen met de dood

"Speculatie is alleen maar een woord.  Het betekent dat geld wordt gemaakt via manipulaties.  In plaats via het leveren van goederen en diensten."                  
                                                                                                                                                   Henry Ford


Speculatie creëert inderdaad niet de minste reële waarde.  Adam Smith, vader van de moderne economie en auteur van het standaardwerk "The Wealth of Nations", was een uitgesproken tegenstander van mensen die op korte termijn veel geld willen verdienen met risicovolle speculatie zonder regelgeving, omdat hij vreesde dat dit type speculant grote crisissen kan uitlokken.

Uit de recente en minder recente geschiedenis is inderdaad gebleken dat zelfs specialisten van belangrijke financiële bedrijven de bal ernstig kunnen misslaan.  Met potentieel systeemkritische gevolgen.  Zo ging in 1998 het bekende hefboomfonds Long-Term Capital Management (LTCM) met veel rumoer bankroet. En dat ondanks de aanwezigheid van twee Nobelprijswinnaars die moesten waken over de goede gang van zaken.  Door de grote hoeveelheid openstaande derivatencontracten tussen de verschillende partijen vreesde men destijds terecht voor een fatale kettingreactie in de financiële wereld.  
Andere bekende speculatie-ongelukken zijn de Tulpenmanie van 1634 tot 1637, de Mississippibubbel tussen 1718 en 1720, de beurskrach van 1929, de internethype uit de jaren negentig en de kredietcrisis van 2008-2009 die ons overigens helemaal op het randje van een ware globale meltdown heeft gebracht. 

Voor de kleine speculant (let u maar eens op al die internetreclame waarbij men uitgenodigd wordt om actief te worden als 'daytrader') die ook eens een rondje wil meedraaien op de financiële markten geldt : winnen kan men, verliezen móét men.
De werking van het financiële systeem bevoordeelt namelijk in essentie de grote spelers : megabanken, hefboomfondsen, multinationals, pensioenfondsen, verzekeringsmaatschappijen enz.  Zij zitten aan de knoppen, vormen kartels en beschikken over insiderinformatie.  Denkt u maar eens aan de talloze fraudezaken en manipulaties die het jongste decennium aan het licht zijn gekomen. Achteraf blijkt dan dat die schuldige instellingen zich vlot kunnen vrijkopen van gerechtelijke gevolgen mits betaling van een fractie van hun ultrawinsten.  De casino-uitbater en z'n medeplichtige acolieten winnen klaarblijkelijk altijd ...

Vandaag hebben we een opiniestuk geselecteerd waarin de uiterst negatieve gevolgen van de wereldwijde speculatiedrift van grote instellingen voor de gewone burger in de derde wereld én bij ons helder worden uiteengezet.   De auteur pleit in deze ook voor de afbouw van fiscale belastingparadijzen, een vermogensbelasting en het stopzetten van privatiseringen van openbare nutsfuncties.  Want speculanten ontzien noch mens noch milieu.

Echter, het huidige monster van deflatoire SCHULDENDEFLATIE, dat in de toekomst nog vreselijker vormen zal aannemen, zal uiteindelijke alle speculanten verslinden.



&&&


Speculatie is immoreel  - tijd voor de Tobin- of Robintaks (26/5/2010)

Dat er dagelijks ook flink gespeculeerd wordt op energie hebben de vissers ondervonden als ze hun dieselfactuur in de bus kregen.  Speculatie kan dodelijk zijn, niet alleen voor economische sectoren, maar ook voor mensen.

Elke dag flitst er ongeveer 4000 miljard euro elektronisch de wereld rond via de beurzen.  95% van dat flitskapitaal heeft te maken met onproductieve speculatie.  Kopen en direct opnieuw verkopen om hoge winsten te scoren. Winsten die in de zakken van enkelen verdwijnen.

Onzichtbare speculanten in Londen, Brussel, Tokyo, Frankfurt en Wall Street spelen elke dag met het leven van mensen, vooral vrouwen en kinderen, overal ter wereld.  Recente crisissen hebben in enkele maanden tijd miljoenen jobs vernietigd en de armoede en onveiligheid verhoogd.  Door de verminderde inkomens werden in Thailand bvb. 100.000 kinderen van school gehaald. Vrouwen werden het eerst en het meest ontslagen.  Bij gezinnen waar ook de man op straat belandde, werd een grote toename vastgesteld van geweld binnen het gezin op vrouwen.  
Op het einde van het liedje zijn het altijd de zwaksten die de rekening betalen. De markt betaalt nooit voor de eigen (wan)daden.  Het wordt tijd om de rekening te laten vereffenen door de daders zelf : in de eerste plaats de speculanten.

Misschien denkt u dat de negatieve gevolgen van de wereldwijde speculatiedrift van multinationals, banken, pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen alleen voor de derde wereld zijn?  In een mondiale economie is alles mondiaal. Ook bij ons komen sociale verworvenheden in een neerwaartse spiraal terecht : arbeid wordt zo goedkoop (flexibel) mogelijk gemaakt, werklozen worden meer bestreden dan de werkloosheid, belangrijke functies van de publieke gemeenschap worden verkwanseld aan de privé, de werkdruk wordt verhoogd, de zorg wordt afgebouwd, medicijnen en hospitalisatie worden alsmaar duurder, de meeste pensioentjes zijn veel te klein.  
De bedrijven en banken maken steeds hogere winsten terwijl gezondheidszorg en onderwijs schreeuwen om geld.  De achteruitgang van de meerderheid is de rijkdom van de elites.

James Tobin, een Amerikaanse econoom die ooit de Nobelprijs won, lanceerde in 1972 een taks op wisseltransacties.  Het gaat om de heffing van een kleine belasting telkens een buitenlandse munt wordt omgewisseld. Die kleine taks zou vooral de grote speculanten ontmoedigen.  Daardoor kunnen de financiële markten kalmeren en zouden landen en volkeren minder de machteloze speelbal kunnen worden van de grote poenpakkers.

De Tobintaks is ook een Robintaks.  De Robin van... jawel Robin Hood!  De Robin die neemt van de rijken om aan de armen te kunnen schenken.  Of beter: de Tobintaks neemt eigenlijk een beetje terug van de rijken wat ze eerder al gestolen hadden bij de armen.  Een heffing van 0,1% zou op dit ogenblik elk jaar 150 miljard euro opbrengen.  Die miljarden steken we in een sociale pot waardoor we de grootste noden kunnen lenigen op wereldvlak: voeding, onderwijs, gezondheidszorg, de dodelijkste ziektes de wereld uithelpen, iedereen toegang verschaffen tot proper water.  De Tobintaks is ook een rechtvaardige belasting: de belasting op kapitaal wordt eindelijk verhoogd terwijl de meeste regeringen hun inkomsten vooral halen uit belastingen op arbeid.  De heffing van een Tobintaks verhoogt dus de sociale gelijkheid.

Maar dat niet alleen! We moeten ook de vluchtwegen versperren naar de fiscale belastingparadijzen, anders zijn de vogels gaan vliegen.  En uiteindelijk eens werk maken van een belasting op vermogens. De hoge vermogens mogen eens hun steentje bijdragen aan de samenleving.  We moeten ook alert blijven tegenover verdere privatiseringen en goed uitkijken dat onze sociale zekerheid of onze pensioenfondsen niet geprivatiseerd worden.  En de post en het openbaar vervoer. En water en energie.  

We moeten beletten dat de toekomst van onze kinderen in private handen terechtkomt.  Want dan komt de toekomst van onze kinderen in handen van de speculanten: zij ontzien noch de mens noch milieu. Indien we de toekomst van onze planeet overlaten aan het winstprincipe is er geen toekomst meer.  En laten we ook de zwaksten niet vergeten en hun kinderen ook een toekomst bieden?  Over deze kwesties wordt niet onderhandeld of afgeboden.  

Het is dringend tijd om een einde te maken aan het dobbelen met de dood.  We moeten speculanten niet alleen de rekening presenteren voor hun immorele spelletjes, we moeten uiteindelijk het speculeren stoppen.  Bevolkingen mogen niet de speelbal blijven van de winsthonger van deze mondiale heersers.  Laat ons de toekomst in eigen handen nemen.  Help de wereld rechtvaardiger maken.


Bron : Speculatie is immoreel - tijd voor de Tobin- of Robintaks








donderdag 3 september 2015

Robert Mundell, cynische bedenker van de euro en van de austeriteit

Uit lange gesprekken met Robert Mundell leerde Greg Palast, Amerikaans econoom en bekend onderzoeksjournalist, dat austeriteit van bij de start van de euro structureel ingebakken zat.

Mundell is een Canadese hoogleraar die in 1999 de Nobelprijs voor Economie kreeg voor zijn werk rond monetaire dynamiek en als ontwerper van het concept "optimale muntzone". 
Niet alleen wordt hij beschouwd als de vader van de euro, hij is eveneens architect van de zogenaamde Reaganomics, een neo-liberaal economisch beleid dat uitgaat van doorgedreven vrijemarktprincipes.  Politiek econoom Jude Wanniki schreef ooit in de Wall Street Journal dat "Ronald Reagan nooit president zou zijn geworden zonder de invloed van Mundell".
Critici bestempelen dit beleid als "trickle-down economics" waarbij de economische voordelen die de grootste verdieners opstrijken zullen doorsijpelen naar de rest van de samenleving.  In de praktijk blijkt evenwel dat deze moderne visie van "laissez-faire" vooral het grootkapitaal (multinationale banken en - ondernemingen) ten goede komt.

De euro zou vooral effect sorteren bij het uitbreken van crisissen, zo vertelde Mundell aan Palast.  Volgens de Nobelprijswinnaar is de Europese eenheidsmunt hét middel waarmee congressen en parlementen elke controle over hun monetaire en fiscale politiek kan worden ontnomen.
Mundell : "De euro zorgt er voor dat de monetaire politiek uit de greep van politici blijft. [En] zonder fiscale politiek bestaat de enige mogelijkheid van overheden om jobs te behouden erin om de regels betreffende het zakendoen af te bouwen." Hij dacht hierbij aan het versoepelen van arbeidswetten en milieureglementering en het verlagen van belastingen. In zijn visie wordt de klassieke democratische besluitvorming dus simpelweg aan de kant geschoven.

Volgens de professor ligt de euro helemaal in de lijn van Reaganomics. "Monetaire discipline dwingt politici eveneens tot fiscale discipline."  En als er crisissen ontstaan, kunnen economisch ontwapende landen (want geen controle meer over munt, begroting of fiscaliteit) niets anders doen dan het overboord gooien van overheidsregels, het op grote schaal privatiseren van staatsindustrieën en het drastisch verlagen van belastingen.  
Het is precies deze austeriteitspolitiek die we zien gebeuren in Griekenland en andere Zuid-Europese landen. Maar ook in de noordelijke landen van de eurozone gaat het meer en meer deze richting uit.

Voor Greg Palast staat het vast  : "De invoering van de euro had slechts een echt doel : een einde maken aan de Europese welvaartsstaat."


Bronnen :
http://www.gregpalast.com/the-euro-is-a-big-success-no-kidding/
http://www.gregpalast.com/greeced-we-voted-no-to-slavery-but-yes-to-our-chains/




















vrijdag 7 augustus 2015

Angelsaksische geldelite organiseerde de Tweede Wereldoorlog

Vandaag publiceren we een uitgebreid artikel van de leidende Russische expert Valentin Katasonov.  Hij is doctor economie en professor aan de Moskouse staatsinstelling voor internationale financiën.  Tussen 1991 en 1993 was hij adviseur voor de Verenigde Naties (VN). Van 1993 tot 1996 zetelde hij in de adviesraad van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling (EBRD).  En van 2001 tot 2011 stond hij aan het hoofd van het departement internationale monetaire relaties bij het Russische Ministerie van Buitenlandse Zaken. 

Net als complotauteurs zoals Anthony C. Sutton (die zich o.a. baseert op originele documenten van het Neurenbergproces dat plaatsvond tussen 20/11/1945 en 1/10/1946), Jan van Helsing, William Engdahl, Jim Marrs, Ernest Millington en anderen heeft Katasonov zich verbaasd over de rol die de Amerikaanse en Britse financiële elite heeft gespeeld in het tot stand brengen en financieren van de Tweede Wereldoorlog. 
Voor het volgende stuk, overgenomen van de internationale website strategic-culture.org, heeft de auteur zich gebaseerd op in 2012 vrijgekomen documenten die verband houden met de financiering van de NSDAP en de herbewapening van het Derde Rijk.


The war was not unleashed by a frenzied Führer who happened to be ruling Germany at the time. WWII is a project created by a world oligarchy or Anglo-American “money owners”. Using such instruments as the US Federal Reserve System and the Bank of England they started to prepare for the next world conflict of global scale right after WWI. The USSR was the target.
The Dawes and Young Plans, the creation of Bank of International Settlements (BIS), the Germany’s suspension of reparations payments it had to pay according to Paris Peace Treaty and the acquiescence of Russia’s former allies in this decision, large-scale foreign investments into the economy of Third Reich, the militarization of German economy and the breaches of Paris Treaty provisions – they all were important milestones on the way of preparing the war.

There were key figures behind the plot: the Rockefellers, the Morgans, Lord Montagu Norman (the Governor of the Bank of England), Hjalmar Schacht (President of the Reichsbank and Minister of Economics in the Hitler's government). The strategic plan of Rockefellers and Morgans was to subjugate Europe economically, saturate Germany with foreign investments and credits and make it deliver a crushing blow against the Soviet Russia so that it would be returned into the world capitalist system as a colony.
Montagu Norman (1871 - 1950) played an important role of go-between to keep up a dialogue between American financial circles and Germany’s business leaders. Hjalmar Schacht organized the revival of Germany’s defense sector of economy. The operation conducted by “money owners” was covered up by such politicians as Franklin Roosevelt, Neville Chamberlain and Winston Churchill. In Germany the plans were carried out by Hitler and Hjalmar Schacht. Some historians say Hjalmar Schacht played a more important role than Hitler. But Schacht simply kept away from the spotlights.

The Dawes Plan was an attempt following World War I for the Triple Entente to compromise and collect war reparations debt from Germany. The Dawes Plan (as proposed by the Dawes Committee, chaired by Charles G. Dawes) was an attempt in 1924 to solve the reparations problem, which had bedeviled international politics following World War I and the Treaty of Versailles (France was reluctant to accept it got over 50% of reparations). In 1924-1929 Germany got $2,5 billion from the United States and $ 1,5 billion from Great Britain, according to Dawes Plan. 
In today’s prices the sum is huge, it is equal to $1 trillion of US dollars. Hjalmar Schacht played an active role in the implementation of the Dawes Plan. In 1929 he summed up the results, saying that in 5 years Germany got more foreign loans than the United States in the 40 years preceding WWI. As a result, in 1929 Germany became the world’s second largest industrial nation leaving Great Britain behind.

In the 1930s the process of feeding Germany with investments and credits continued. The Young Plan was a program for settling German reparations debts after World War I written in 1929 and formally adopted in 1930. It was presented by the committee headed (1929–30) by American industrialist Owen D. Young, creator and ex-first chairman of Radio Corporation of America (RCA), who, at the time, concurrently served at the board of trustees of Rockefeller Foundation, and also had been one of the representatives involved in the previous war reparations restructuring arrangement – Dawes Plan of 1924. 
According to the plan, the Bank of International Settlements (BIS) was created in 1930 to make Germany pay reparations to the victors. In reality the money flows went in quite a different direction - from the United States and Great Britain to Germany. 

The majority of strategically important German companies belonged to American capital or were partly under its control. Some of them belonged to British investors. German oil refinery and coal liquefaction sectors of economy belonged to Standard Oil (the Rockefellers). Farbenindustrie AG chemical industry major was moved under the control of the Morgan Group. 40% of telephone network and 30% of Focke Wulf shares belonged to American ITT. Radio and AEG, Siemens, Osram electrical industry majors moved under the control of American General Electric. ITT and General Electric were part of the Morgan’s empire. At least 100% of the Volkswagen shares belonged to American Ford. 

By the time Hitler came to power the US financial capital practically controlled all strategically important sectors of German industry: oil refining, synthetic fuel production, chemistry, car building, aviation, electrical engineering, radio industry, and a large part of machine-building (totally 278 companies). The leading German banks - Deutsche Bank, Dresdner Bank, Donat Bank and some others - were under US control.

*****

On January 30, 1933 Hitler was named the Chancellor of Germany. Before that his candidacy had been thoroughly studied by American bankers. Hjalmar Schacht went to the United States in the autumn of 1930 to discuss the nomination with American colleagues. The Hitler’s appointment was finally approved at a secret meeting of financiers in the United States. He spent the whole 1932 trying to convince the German bankers that Hitler was the right person for the position. He achieved the goal. 
In mid-November 1932 17 German largest bankers and industrialists sent a letter to President Hindenburg expressing their demand to make Hitler the Chancellor of Germany. The last working meeting of German financiers before the election was held on January 4, 1933 in Köln at the home of banker Kurt von Schröder. After that the National Socialist Party came to power. As a result, the financial and economic ties of Germany with Anglo-Saxons elevated to a higher level.

Hitler immediately made an announcement that he refused to pay postwar reparations. It put into doubt the ability of England and France to pay off WWI debts to the United States. Washington did not object to the Hitler’s announcement. In May 1933 Hjalmar Schacht paid another visit to the United States. There he met with President Franklin Roosevelt and big bankers to reach a $1 billion credit deal. In June the same year Hjalmar Schacht visited London to hold talks with Montagu Norman. It all went down smoothly. The British agreed to grant a $2 billion loan. The British offered no objections related to the Germany’s decision to suspend debt payments.
Some historians say the American and British bankers were pliant because by 1932 the Soviet Union had fulfilled the 5-year economic development plan to make it achieve new heights as an industrial power. A few thousand enterprises were built, especially in the sector of heavy industry. The dependence of USSR on import of engineering production has greatly dwindled. The chances to strangle the Soviet Union economically were practically reduced to zero. They decided to rely on war and launched the runaway militarization of Germany.

It was easy for Germany to get American credits. By and large, Hitler came to power in his country at the same time as Franklin Roosevelt took office in the United States. The very same bankers who supported Hitler in 1931 supported Roosevelt at the presidential election. The newly elect President could not but endorse large credits to Germany. By the way, many noticed that there was a big similarity between the Roosevelt’s “New Deal Policy” and the economic policy of the German Third Reich. No wonder. The very same people worked out and consulted the both governments at the time. They mainly represented US financial circles.

The Roosevelt’s New Deal soon started to stumble on the way. In 1937 America plunged into the quagmire of economic crisis. In 1939 the US economy operated at 33% of its industrial capacity (it was 19% in the heat of the 1929-1933 crisis).
Rexford G. Tugwell, an economist who became part of Franklin Roosevelt’s first "Brain", a group of Columbia University academics who helped develop policy recommendations leading up to Roosevelt's New Deal, wrote that in 1939 the government failed to reach any success. There was an open sea till the day Hitler invaded Poland. Only the mighty wind of war could dissipate the fog. Any other measures Roosevelt could take were doomed to failure (1).  Only the world war could save the US capitalism. In 1939 the money owners used all leverage at their disposal to put pressure on Hitler and make him unleash a big war in the east.

(1) P.Tugwell, The Democratic Roosevelt, A Biography of Franklin D. Roosevelt, New York, 1957, p 477.

*****

The Bank of International Settlements (BIS) played an important role during the Second World War. It was created as an outpost of American interests in Europe and a link between Anglo-American and German businesses, a kind of offshore zone for cosmopolitan capital providing a shelter from political processes, wars, sanctions and other things. The Bank was created as a public commercial entity, it’s immunity from government interference and such things as taxes collection was guaranteed by international agreement signed in the Hague in 1930.

The bankers of the Federal Reserve Bank of New York, who were close to the Morgans, Montagu Norman, the Governor of the Bank of England and german financiers such as Hjalmar Schacht (President of the Reichsbank and Minister of Economics in the Hitler's government), Walther Funk (who later replaced Hjalmar Schacht as President of the Reichsbank) and Emil Puhl – all of them played an important role in the efforts to establish the Bank. The central banks of Great Britain, France, Italy, Germany, Belgium and some private banks were among the founders. 
The Federal Bank of New York did its best to establish the BIS, but it was not listed as a founder. The US was represented by the private First National Bank of New York, J.P. Morgan and Company, the First National Bank of Chicago – all parts of the Morgan’s empire. Japan was also represented by private banks. In 1931-1932 19 European central banks joined the Bank of International Settlements. GatesW. McGarrah, a banker of Rockefeller’s clan, was the first BIS chairman of the board. He was replaced by Leon Fraser, who represented the clan of Morgans. US citizen Thomas H. McKittrick was President of the Bank during the war years.

A lot has already been written about the BIS activities serving the interests of the Third Reich. The Bank was involved in deals with different countries, including those Germany was at war with. Ever since Pearl Harbor the Bank of International Settlements has been a correspondent bank for the Federal Reserve Bank of New York. It was under Nazi control during the war years, no matter American Thomas Huntington McKittrick was the Bank’s President. Soldiers were dying on the battlefields while the leadership of BIS held meetings in Basel with the bankers of Germany, Japan, Italy, Belgium, Great Britain and the United States. There, in the Swiss offshore zone, it was all peaceful, the representatives of belligerents quietly worked in the atmosphere of mutual understanding.

Switzerland became the place where gold seized by Germany in different corners of Europe was transported to for storage. In March of 1938, when Hitler captured Vienna, part of the Austrian gold was transferred to BIS vaults. The same thing happened with the gold of the Czech National Bank (48 million USD). As the war started, the flows of gold poured into the Bank of International Settlements. Germany got it from concentration camps and as a result of plundering the wealth of occupied countries (including whatever belonged to civilians: jewels, gold crowns, cigarette cases, utensils…). It was called the Nazi Gold. The metal was processed into ingots to be stored in the Bank of International Settlements, Switzerland, or outside Europe. Charles Higham in his Trading With The Enemy: An Expose of The Nazi-American Money Plot 1933-1949 wrote that during the war Nazi transferred $378 million into the accounts of Bank of International Settlements.

A few words about the Czech gold. The details surfaced when after the Bank of England’s archives were declassified in 2012 (1). In March of 1939 Germany captured Prague. Nazi demanded $48 million of national gold reserves. They were told that the sum had already been transferred to the Bank of International Settlements. Later it became known that the gold was transferred from Basel to the vaults of the Bank of England. Upon command from Berlin the gold was transferred to the Reichsbank's BIS account. Then the Bank of England was involved in transactions done upon the orders of Reichsbank given to the Bank of International settlements. 

The commands were retransmitted to London. There was collusion between German Reichsbank, the Bank of International Settlements and the Bank of England. In 1939 a scandal broke out in Great Britain because the Bank of England executed the transactions with Czech gold upon the commands coming from Berlin and Basel, not the Czech government. For instance, in June of 1939, three months before the war between Great Britain and Germany started, the Bank of England helped Germans to get into their accounts the amount of gold equal to 440 thousand pounds sterling and transfer some gold to New York (Germany was sure that in case of German intervention into Poland the United States would not declare war).

The illegal transactions with Czech gold were implemented with tacit approval of the government of Great Britain which was aware of what was going on. Prime Minister Neville Chamberlain, Chancellor of the Exchequer Sir John Simon and other top officials did their best to hide the truth, including outright lies (the gold was returned to the lawful owner or had never been transferred to Reichsbank). 
The recently declassified materials of Bank of England reveal the truth and show that the government officials lied to cover up themselves and the activities of the Bank of England and the Bank of International Settlements. It was easy to coordinate the joint criminal activities because Montagu Norman, the head of Bank of England, served as the chairman of the board of Bank of International Settlements. He never made a secret of his sympathy for fascists.

The Bretton Woods Conference, formally known as the United Nations Monetary and Financial Conference, was the gathering of 730 delegates from all 44 allied nations at the Mount Washington Hotel situated in Bretton Woods, New Hampshire, the United States, to regulate the international monetary and financial order after the conclusion of World War II. The conference was held from 1 to 22 July 1944. 
All of a sudden the issue of the Bank of International Settlements hit the agenda. It was reported that the bank collaborated with fascist Germany. Leaving many details aside, I would only like to mention that with great difficulty (some US delegates opposed the motion) the delegates reached an agreement to close the BIS. This decision of the international conference has never been enacted. All the discreditable information related to the BIS wartime activities got classified. Today this has become helpful to falsifying the history of the Second World War.

Finally, a few words about Hjalmar Schacht (1877-1970) who served as President of the Reichsbank and Minister of Economics in the fascist Germany’s government. He was a key figure controlling the economic machine of Third Reich, an extraordinary and plenipotentiary ambassador representing Anglo-American capital in Germany. In 1945 Schacht was tried at Nuremberg to be acquitted on October 1, 1946. He got away with murder. The same way it happened to Hitler. 
For some unexplained reasons he was not in the 1945 leading wartime criminals list. More to it, Schacht returned to his profession like if nothing happened and founded Schacht GmbH in Düsseldorf. This detail may go unnoticed, though it serves as another testimony to the fact that Anglo-American “money owners” and their plenipotentiary representatives in Germany prepared and, to some extent, influenced the outcome of the Second World War. The “money owners” want to rewrite the history of the war and change its results.









donderdag 9 juli 2015

Zit de crisis ook in het onderwijs ?

Zoals al eerder vermeld op deze blog, dient men "de" crisis niet alleen financieel of economisch te begrijpen, ze is ook ecologisch, energetisch, politiek en maatschappelijk van aard.  Het economische paradigma, waarbij vandaag al te veel gedacht en gehandeld wordt in termen van opbrengst en rendement, vertoont zich in steeds meer uithoeken van onze prestatie- en consumptiesamenleving.  
Zo konden wijzelf, tijdens het begeleiden bij toetsen en huiswerk bij kinderen van een bevriend gezin, vaststellen hoe veeleisend het onderwijs van vandaag wel geworden is.  Niet alleen studerenden, ook lesgevers hebben steeds meer het gevoel te moeten meehollen in een ratrace.  Zijn resultaatgerichtheid en efficiëntie inderdaad belangrijker geworden dan waarden zoals lerend ontdekken, beleving, inleving en expressie ?

De Nederlandse Erica Ritzema gaf gedurende 29 jaar onderwijs aan kleuters.  In juni 2012 is zij daarmee gestopt omdat zij zich niet meer kon vereenzelvigen met alles wat er van haar werd verlangd als leerkracht.  Met haar ingezonden stuk 'Kleuter in Nederland verdient beter' haalde ze de pers (o.a. Noordhollands Dagblad van 10 november 2012).  

Iedere opinie of invalshoek is per definitie gekleurd en niet neutraal.  De nu volgende opzegbrief van deze lerares is alleszins beklijvend :

"IK STOP ERMEE !

Na 38 jaar lang les te hebben gegeven op een basisschool in Tilburg, waarvan 29 jaar aan kleuters, heb ik besloten aan het eind van dit schooljaar mijn werkzaamheden te gaan beëindigen.
Ik kan en wil mij niet conformeren aan de huidige vorm van onderwijs, die mij zo dwingend wordt opgelegd.  Ik herinner me nog levendig de tijd dat ons verweten werd, dat we teveel vorderingen van kinderen vastlegden en geen vertrouwen zouden hebben in de natuurlijke ontwikkeling van het kind. Daarop volgde een periode, waarin we projectmatig moesten gaan werken en de inhoud juist moesten laten groeien vanuit de bijdragen van de kleuters.
Wij leerkrachten plaatsten toen grote vraagtekens bij zo'n vrijblijvende manier van werken.

Nu ben ik beland in een periode, waarin de kleuters de leerstof van groep 3 krijgen voorgeschoteld en de resultaten worden geregistreerd in een observatiemodel wat is voortgekomen uit de orthopedagogiek (alsof er alleen nog maar kinderen met afwijkingen zouden bestaan).  Wie hoort in deze situatie nog iets terug over het begeleiden van en het vertrouwen in de natuurlijke ontwikkeling van kleuters?  Ik niet.

Just for profit, not for people
Kinderen zijn gereduceerd tot vaatjes, waarin ik dagelijks van bovenaf opgelegde informatie moet stoppen en daarnaast dien ik onmiddellijk de korte termijn resultaten te registreren. Alle accenten liggen op het cognitieve vlak, waarbij de mathematische en linguïstische onderdelen verreweg het zwaarst vertegenwoordigd zijn.  Alles draait om snelle winst, opbrengstgericht werken wordt dat genoemd, just for profit, not for people. 
Het is daarnaast niet meer mogelijk veel tijd en aandacht te besteden aan expressievakken en mede hierdoor denderen de motorische vaardigheden achteruit.  Ik meen daardoor mee te werken aan het ontwikkelen van een maatschappij, waarin mensen geen uiting meer zullen kunnen geven aan hun emoties en dit zal zich gaan openbaren in een explosieve toename van zelfmoordpogingen en een verharding van de maatschappij.

Japan
Onmiddellijk komt bij mij de herinnering aan de Japanse moeders bovendrijven, wier mannen jaren geleden bij de Nederlandse afdeling van Fuji werkten en die zo dankbaar waren dat hun kinderen in Nederland, waar spelenderwijs geleerd mocht worden, hun kleutertijd door konden brengen.  In Japan lag de prestatiedruk toen al veel hoger en dat resulteerde in veel depressieve pubers, die moeite bleken te hebben met het aangaan van relaties, omdat het Japanse onderwijs individualisten opleidde.

Identiteit van kleuters gaat verloren
Helaas heeft het Nederlandse kleuteronderwijs dat recht op spelend leren inmiddels ook verspeeld.  Er bestaat in de huidige klassensituatie voor mij zelden nog de mogelijkheid om uit te gaan van de belevingswereld van kinderen en de kinderen wordt niet eens meer de gelegenheid geboden de nieuw ontdekte buitenwereld mee naar binnen te brengen, want ik dien vanuit de methode "Kleuterplein" te werken. De lesstof wordt van bovenaf bepaald, sluit niet meer aan en boeit daardoor vaak niet.  
De lessen zijn puur resultaat- en niet kindgericht, dit druist enorm in tegen mijn kleuterleidsterprincipes.  Er ontstaat hierdoor een middelmatigheid in het lesaanbod (alle juffen in Nederland bieden binnenkort dezelfde lesstof aan), want er kan niet meer worden ingegaan op de interesses en de gevoelige periodes van kinderen, waardoor overigens ook nog eens de individuele talenten van de leerkrachten onbenut blijven.

De identiteit van kleuters wordt door deze vorm van lesgeven meer dan ontkend, de kleuter in Nederland is zijn identiteit verloren en mag helemaal geen echte kleuter meer zijn, want wij gaan voorbij aan deze unieke levensfase, waarin wereldverkenning, verwondering, beleving en zintuiglijke waarneming centraal zouden moeten staan.  
Kinderen zouden vanuit eigen ervaring en beleving hun inlevingsgevoel moeten kunnen ontwikkelen en van daaruit moeten leren hun medemensen en hun omgeving met respect te bejegenen.  Hierdoor is een enorm hiaat in de ontwikkeling en de opvoeding aan het ontstaan, met alle gevolgen van dien.  Dit gebrek aan oerervaringen kan niet worden gemeten in zo'n observatie/registratiemodel op de korte termijn, maar zal zich pas op lange termijn gaan wreken.
Wij zijn de kweekvijver van een neurotische, egocentrische samenleving en daar wens ik niet aan mee te werken.

Te hoge eisen aan lerarenkorps
Tevens zorgt het feit dat onderwijsvernieuwingen als projectielen op ons worden afgevuurd, zonder de tijd om ze zorgvuldig te kunnen implementeren, voor de nodige frustraties.  Ik constateer dat ook mijn collega's balanceren op het randje van overspannenheid en dat hun het plezier in het lesgeven, door alle contemporaine eisen in het huidige onderwijsbeleid, wordt ontnomen.  Zover wil ik het bij mezelf liever niet laten komen.  
Ik lijd reeds aan beroepsdeformatie en oververmoeidheid, ik verwaarloos mijn familie en vrienden, heb weinig tijd om de actualiteiten bij te houden en besteed vrije dagen en weekenden aan mijn job en dit alles terwijl ik slechts parttime werk.  Mijn lichaam is moe en mijn hoofd draait overuren om alles op een rijtje te kunnen houden.  Nadat ik van een collegaatje hoorde dat ze het afgelopen weekend geen enkel moment van rust en aandacht voor haar gezin had weten in te bouwen, wist ik dat het niet alleen mijn probleem was.

De eisen, die ons worden gesteld, grenzen aan waanzin.  Daarnaast wordt op deze wijze ook nog eens een latente burgerlijke ongehoorzaamheid gecreëerd, omdat onmogelijk aan alle eisen kan worden voldaan.  Het weten, dat bij alle activiteiten onzorgvuldigheid de boventoon voert, omdat ook het onmogelijke, in onvoldoende mate, helaas direct gedaan moet worden, brengt ook veel frustratie met zich mee.
Résumé : iedereen werkt zich te pletter, maar niemand houdt daar nog een voldaan gevoel aan over.  Het werk is namelijk nooit af en de kans om de zorgvuldigheid te betrachten, waar ieder kind recht of heeft, wordt ons ontnomen door het enorme aan ons opgelegde pakket aan eisen.  Na gedane arbeid is het niet meer goed rusten in het hedendaagse onderwijs.

Sociaal contact onder druk
Ook het contact tussen de teamleden heeft onder deze werkdruk vreselijk te lijden.  Wij hebben op onze school een geweldig team, maar de momenten waarop je met collegae van gedachten kunt wisselen zijn spaarzaam geworden.  Zij zijn door hun drukke werkzaamheden slechts passanten, die je in de gang groet.  Indien een van de collega's een zware periode doormaakt, maakt hij/zij dat kenbaar via de mail, omdat er te weinig gelegenheid is voor een persoonlijk gesprek.  
Het sociale aspect is verschraald door de werkdruk.  Ooit vielen ouders bij het binnenkomen als een blok voor onze school, zonder enig methodisch achtergrondverhaal te hebben aangehoord, omdat ze vonden dat ze in een warme, blije sfeer stapten waarvan ze hun kind graag deel wilden laten zijn.

Conclusies
Ik kan alleen maar constateren dat ik vaak het dubbele aantal uren werk van mijn wettige aanstelling en daarin voornamelijk met secundaire zaken bezig ben om aan de buitenkant te voldoen, in plaats van dat ik (in een tijd waarin de behoefte aan een warme, veilige plek voor kinderen alleen maar groter is geworden) bezig ben met de ontwikkeling en het welzijn van de kinderen in mijn groep en daar pas ik voor.
Neem daarnaast ook nog de cabareteske plannen op het gebied van passend onderwijs en zorg op maat.  Wat een giller, we zijn er nooit verder van verwijderd geweest en die afstand groeit nog steeds!
Mijn ambities liggen echt op een hoger niveau, ik wil niet dat mijn onderwijsaanbod economisch inzetbare pionnetjes aflevert, maar ik wil streven naar een maatschappij met sociaal vaardige en respectvolle mensen, waar ik mijn steentje aan heb mogen bijdragen. Onderwijs is dé investering in onze toekomstige samenleving en grote zorgvuldigheid is daarbij geboden. 
Mijn besluit ligt daarom vast : ik ga stoppen met het geven van onderwijs, ik heb namelijk niets meer te verliezen, mij is alle zin in en van het lesgeven ontnomen. De kleuter in Nederland heeft zijn bestaansrecht verloren.  Ik geef de strijd op."


&&&

Een ander, opmerkelijk geluid komt van de Franse ex-professor filosofie Anne-Sophie Nogaret. Met haar boek 'Du Mammouth au Titanic' levert zij een striemende kritiek op het onderwijssysteem in haar land. De boekrecensie op amazon.com luidt als volgt :

"Chronisch absenteïsme, onbeleefdheid, geweld, desinteresse, multiculturalisme onder de leerlingen, hiërarchische capitulaties, ideologische blindheid, schandalige beoordelingsinstructies op het baccalaureaat van de instelling : een leerkracht vertelt wat ze de afgelopen tien jaar in het voortgezet onderwijs heeft meegemaakt.
En het resultaat is verschrikkelijk. In minder dan tien jaar tijd is het niveau letterlijk ingestort. En dat blijkt niet alleen uit internationale PISA-studies, maar ook uit de resultaten van het studiejaar 2017. Het is duidelijk dat studenten in het laatste jaar van hun studie vaak niet in staat te zijn om een eenvoudige tekst van een paar regels te begrijpen en wel omdat ze hun eigen taal niet meer beheersen. En het gaat om studenten die toch allemaal hun baccalaureaat behalen... Leraren zijn ervan overtuigd dat gezag onderdrukking is en dat welwillendheid, ook al dient die feitelijk alleen maar om lafheid te verbergen, hen weerhoudt om een verontrustende realiteit onder ogen te zien Ze zijn het slachtoffer van een systeem en merkwaardig genoeg doen ze er alles aan om ditzelfde systeem te redden. Maar vandaag de dag is de alarmdrempel overschreden en slechts één uitdrukking vat samen wat er gaande is: een gigantische schipbreuk."

Kijk ook even naar dit interview met Nogaret :




















zaterdag 13 juni 2015

Houdbaarheidsdatum oliedollarsysteem overschreden

Samen met de Nederlandse econoom Albert Spits ben ik van mening dat ons financieel stelsel, gebaseerd op de petrodollar, onhoudbaar is geworden.  In 1971 besliste de Amerikaanse regering om de goudwisselstandaard, vastgelegd in het Bretton Woods akkoord van 1944, te verlaten.  Sindsdien hebben we alleen meer schulden opgebouwd, omdat er geen schuldliquidatiemiddel meer was, zoals goud door de eeuwen heen is geweest.
Spits, die een expert is op het gebied van de Oostenrijkse School voor Economie en een deskundige met betrekking tot langjarige cycli en marktpsychologie, zet zijn visies regelmatig uiteen op vrijspreker.nl.  Hij ziet het ook niet meer goed komen met de Eurozone :


"Feitelijk is de hele schuldencrisis in het westen, en dus niet alleen in de eurozone, een wake up call, dat ons financieel-economische stelsel sinds de afschaffing van Bretton Woods in 1971 aan het einde is gekomen van haar houdbaarheidsdatum.  Zoals meerdere malen gezegd, de schulden zijn nu van een dergelijk enorme omvang dat deze nooit zullen worden terugbetaald.  Dat is niet alleen zo in Griekenland, doch ook in andere eurozonelanden zoals Spanje, Italië, Portugal enz.

Waarom ik altijd refereer aan het schuldverzadigingspunt is dat schulden zo hoog zijn opgelopen, dat ze de productiecapaciteit van de economie overvleugelen.  Met andere woorden, de productie is niet meer in staat om de schulden af te betalen of de rente te financieren.  Dat betekent natuurlijk een bankroet.  Nagenoeg alle westerse banken zijn insolvabel.  De regels van Bazel II om verhoogde buffers aan te houden zijn niet meer dan een façade om te verhullen dat banken niet meer in staat zijn om kapitaal uit te lenen.  
Sowieso zijn de solvabiliteitseisen een lachertje, want een 3% kapitaalbuffer is enorm laag voor welk bedrijf dan ook.  Ik zie dus dat er een enorme schuldsanering gaat komen en dat dat onvermijdelijk is.  IJsland en Argentinië zijn hen al voorgegaan in het afgelopen decennium.  De eurozone met een bankenunie is eigenlijk een samenkomst van alle insolvabele bankinstellingen.

De geschiedenis is heel duidelijk, er is zoveel schuld opgebouwd in de afgelopen 40 jaar, dat de productieve sector werd gekannibaliseerd door de financiële sector.  Bijvoorbeeld Nederland had in de jaren 60 een productiequotum van bijna 30%, in de jaren 70 was het al teruggezakt naar 23% en nu is het nog maar 12%.  Dit terwijl de financiële sector het grootste deel van het kapitaal opzoog in de vorm van aandelenhandel, obligaties, hypotheken en de derivatentijdbom (ca. $800 biljoen).  Veel productie ging naar landen buiten het westen en men is zich hier gaan concentreren op de financiële dienstverlening. Daar ligt de bron van de ellende die we nu hebben, want nu is de financiële sector aan de beurt voor de sanering.

In een deflatoire depressie gaan de rentestanden alleen maar omlaag.  We zullen waarschijnlijk zelfs een rentestand van 0,10% zien voor 10-jarige obligaties in Nederland. Zelfs de junkbonds laten steeds lagere rentes zien en dat is tekenend. Men is naarstig op zoek naar veiligheid en een beetje rendement, vandaar ook de vlucht naar de enige reservemunt, de dollar.

Mario Draghi, de president van de Europese Centrale Bank, heeft in feite nu met de kwantitatieve verruiming de handdoek in de ring gegooid.  Om de economie aan te zwengelen met helicoptergeld koopt hij heel veel obligaties op met euro's, maar wat hij niet beseft is dat dat monetaire inflatie betreft, die nooit een deuk zou kunnen slaan in de deflatoire schuldencrisis die we nu meemaken.  Het wegvallen van het kapitaal als gevolg van de inzakking van de vastgoedmarkt, de aandelenmarkt en straks de obligatiemarkt van de hogeschuldlanden kan nooit worden gecompenseerd met M0 of M1.  M3 is namelijk 8x zo groot als M0 en een inzinking van 50% betekent dat Draghi de monetaire geldhoeveelheid met 400% moet verhogen.  Dat houdt in dat alle nieuwe obligaties moeten worden opgekocht door Draghi.  Ergo, er is geen private markt meer voor obligaties die de prijs kunnen bepalen.  Mario Draghi heeft zichzelf schaakmat gezet." 


Bron : vrijspreker.nl ("Capitulatie Eurozone")



maandag 1 juni 2015

Welvaart zonder groei

De boodschap van de Britse econoom Tim Jackson klink behoorlijk revolutionair in deze economisch moeilijke tijden.  Jackson is professor duurzame ontwikkeling aan de universiteit van Surrey en auteur van het invloedrijke boek 'Welvaart zonder groei'.

In een notendop komt zijn pleidooi hierop neer: om onze economische motor draaiende te houden moeten zowel productie als consumptie blijven groeien. Alleen bereikt groei op een bepaald moment zijn plafond, om de simpele reden dat de middelen van de aarde eindig zijn : haar capaciteit om te geven (grondstoffen en natuurlijke rijkdommen) en op te nemen (afval en uitstoot) geraakt uitgeput.   Dat is een grens die we simpelweg niet kunnen overschrijden.


Het onvermijdelijke gevolg is dat we een heel ander economisch systeem dienen te ontwikkelen met vooral een nieuwe definitie van welvaart.  Welvaart die niet alleen bepaald wordt door de massale beschikbaarheid van consumptiegoederen, maar ook door de sociale cohesie van de samenleving en de gezondheid van onze leefomgeving.  In Jacksons visie is er nog plaats voor beperkte, duurzame groei, maar die gecompenseerd wordt door investeringen in (openbare) diensten en het herstel van onze natuurlijke omgeving.  Het resultaat is een systeem in evenwicht dat onze planeet respecteert en niet uitput.  Het is een immense uitdaging, maar volgens Jackson rest ons geen andere keuze.


Meer en meer politieke en economische leiders nemen zijn denkbeelden ernstig.  En in de academische wereld is het groene duurzaamheidsdenken al langer ingeburgerd, getuige onder andere de Cradle to Cradle-beweging, die een productie zonder afval bepleit, of het Amerikaanse Millennium Institute.

Dit is hét dilemma in het duurzaamheidsdebat: moeten we minder gaan consumeren of volstaat groene groei ?  Tim Jackson is hierover helder.  Hij rekent voor dat het halen van klimaatdoelen een illusie is, als we even hard blijven groeien als nu.  Hij pleit daarom voor een wereldeconomie die niet of nauwelijks groeit.  Ook vindt hij dat we een eenvoudiger leven moeten leiden.  Hij brengt dit zelf in de praktijk door bijvoorbeeld geen auto te rijden.

Jarenlang onderzoek
Jackson's mening steunt op jarenlange research.  Bijvoorbeeld over hoe effecten op het milieu beter in het Bruto Nationaal Product (BNP) tot uitdrukking kunnen worden gebracht.  En ook over de kosten van CO2 - reductie.  Tijdens zijn werk stuitte hij op innerlijke tegenstrijdigheden in het economisch stelsel.  "Om winst te maken, moeten bedrijven onnodige verspilling tegengaan.  Maar tegelijk moeten ze zoveel mogelijk produceren en verkopen."

De Britse onderzoeker begreep dat in de onderliggende structuur van de economie een weeffout zit. In 2004 kreeg hij de kans om dieper op die materie in te gaan.  Met een team van economen, sociologen en psychologen startte hij een wetenschappelijk project dat de welvaart wilde herdefiniëren.  Hiervan was het boek Welvaart zonder Groei een uitvloeisel. Bewust niet geschreven als een doorsnee wetenschappelijk werk: "Ik wilde goed begrepen worden, omdat het om een netelige kwestie gaat die bovendien deels indruist tegen onze intuïtie."
Hoezo?  "We associëren groei vaak met iets positiefs.  Want we willen onze oogsten en kinderen zien groeien.  En we hebben een verlangen naar nieuwe spullen.  Mensen ontlenen hun identiteit daaraan. Daar komt bij dat we zijn grootgebracht met het idee dat we een probleem hebben, zodra de economie stokt."

Niet alleen materie, ook andere waarden zijn belangrijk
Hét punt van Jackson is dat ons begrip van welvaart te eenzijdig leunt op groei in economische zin.  We drukken onze economie uit in BNP.  Jackson geeft aan dat deze term louter is gebaseerd op productie, maar niet noodzakelijk ook op een beter leven.  Onze investeringen gaan vooral naar het nog efficiënter maken en verder verhogen van productie. Daardoor tarten we de grenzen van wat de aarde aankan.  Jackson: "Bedrijven en politici wakkeren dat vuur aan.  Door mensen aan te moedigen om, met geld dat ze niet hebben, dingen te kopen die ze niet nodig hebben.  Om een niet blijvende indruk te maken op mensen om wie ze niets geven."  Volgens Jackson ontkent dit de werkelijke menselijke aard. "Er is meer dan het verlangen naar steeds maar meer.  We hebben ook andere instincten. We weten dat het goed is dat groei soms stopt, zoals bij onze kinderen.  We zien aan obesitas dat meer voedsel niet altijd beter is.  En zelfs arme mensen zeggen in onderzoeken dat het hen om meer gaat dan alleen voedsel of geld.  Ze vinden waardigheid, kansen en andere immateriële zaken ook belangrijk."

Verder groeit het besef dat we leven op een planeet met beperkte grondstofvoorraden.  En dat steeds maar meer groei kan leiden tot uitputting.  Jackson: "Dat denken is lang onderdrukt in de westerse samenleving.  Dat kwam door een groot geloof in de kracht van het op groei gebaseerde model, dat in de jaren negentig hoogtij vierde.  Het optimisme over democratie en vrije markt was na de val van de Muur enorm.  We dachten even het succesrecept te hebben verworven. Economische groei leek maakbaar, afspraken over economie en ecologie op wereldschaal leken haalbare kaart.  Nu zijn we erachter hoe moeilijk dat is."

Groene groei is niet het antwoord
Voor Jackson staat vast dat het anders moet.  Groene groei is volgens hem niet het antwoord. Initiatieven in die richting, denk aan energie-efficiënter produceren, zijn volgens hem op zichzelf niet verkeerd.  Want ze gaan uit van goede intenties en helpen bij bewustwording en verduurzaming.  Jackson: "Maar het probleem van een systeem dat steeds vraagt om meer productie lossen we daarmee niet op.  Op macro-economisch niveau blijft dan de prikkel bestaan om onze eindige planeet steeds verder uit te putten.  Het groeien gaat nu veel sneller dan het vergroenen, maar het moet juist andersom."

Zo'n economie zonder groei is niet gemakkelijk te realiseren, geeft hij grif toe.  Jackson: "Dat vergt een volledig andere structuur waar we langzaam aan moeten bouwen.  We kunnen de motor niet van de ene op de andere dag stoppen. Want de behoeften van consumenten zijn het cement in het huidige systeem.  Ze zorgen voor stabiliteit.  Als mensen minder kopen, moeten bedrijven inkrimpen, raken mensen werkloos.  Dan kopen deze werkloze mensen nog minder, waardoor bedrijven weer moeten krimpen en ga zo maar door."

Anders winst maken
Jackson vindt dat we anders winst moeten gaan maken.  "Winsten in het verleden waren vaak hoog, omdat we een deel van de rekening niet betaalden.  Denk aan te weinig milieukosten bij het winnen van fossiele energie of veel te lage arbeidskosten voor onze kledingproductie."  De hoogleraar geeft toe dat hij er ook nog niet uit is hoe de nieuwe economie er precies moet uitzien.  Wat hij wel weet, is dat we moeten focussen op een transformatie naar een andere, minder op alleen groei gebaseerde orde.  "En dat we af moeten van het huidige systeem dat is geënt op consumentisme en het speculatieve financieel systeem.  Die dingen passen niet bij een economie zonder groei."

Hij gelooft nog wel in kapitaal.  Volgens hem is het niet zo dat er geen geld meer is.  Er zijn nog steeds mogelijkheden tot economische herstructurering, maar het gaat allemaal naar het oude, falende systeem.  Investeringen vervullen in zijn visie wel een sleutelrol. Daarvan neemt het belang volgens hem zelfs toe.  "We moeten investeren in de waardegoederen die onze toekomstige welvaart waarborgen.  In productie van hoge kwaliteit, met minimale schade voor milieu of gezondheid, en een productieketen waarin werkers eerlijk worden beloond.  Bij zulke investeringen moeten we ons niet laten leiden door maximale winst. Centraal moet staan wat de waarde is die ze hebben voor toekomstig welzijn.  Denk aan duurzame energie of een duurzamere voedselketen.  Maar ook sociale investeringen, bijvoorbeeld in gemeenschappelijke voorzieningen, zoals theaters, zwembaden of buurthuizen."  

Mentaliteitsverandering noodzakelijk
Een omslag naar een meer sobere levensstijl is noodzakelijk.  Jackson: "Uit onze wetenschappelijke bevindingen blijkt dat een minder materialistische en milieubelastende levensstijl kiezen beter is voor je welbevinden.  Maar dat is niet gemakkelijk.  Je komt in conflict met de heersende opvattingen.  Als je besluit om geen auto te hebben of geen verre vakantiereizen te maken, moet jij je verdedigen. Dat begint al bij jonge kinderen.  Die krijgen voortdurend signalen dat ze dingen nodig hebben om erbij te horen en gelukkig te zijn.  De macht van merken is enorm."

"Welvaart zonder groei zal de levenskwaliteit van veel mensen verbeteren.  Er zijn er natuurlijk die altijd die winnen en anderen die verliezen, en zij die verliezen hebben in het huidige systeem behoorlijk wat macht.  Dus dat is een probleem.
Echter veel van wat ik voorstel gaat net over het verbeteren van de levenskwaliteit, op een behoorlijk specifieke manier. Op het gebied van sociale cohesie, evenwicht tussen werk en vrije tijd, familieleven, leefomgeving enz.  Dat zijn dingen die belangrijk zijn en niemand in de politiek is daarmee bezig.  Want we moeten het consumptiesysteem in stand houden.

Er is wel het latente bewustzijn bij veel mensen dat de manier waarop we bezig zijn zinloos is.  Dat we sneller en sneller moeten lopen om op dezelfde plaats te blijven.  En er beginnen sociale verzetsbewegingen op te komen.  Vooral jongeren zijn er zich pijnlijk van bewust dat de toekomst er erg onprettig zal uitzien als we zo doorgaan.  Dat er minder keuzemogelijkheden zullen zijn, grotere verschillen tussen rijk en arm, meer economische stabiliteit door ecologische verarming.  Veel mensen proberen ook al eenvoudiger en zuiniger te gaan leven.  Maar dat is niet genoeg.  Ook het macro-economische systeem zal moeten veranderen".


Dit artikel is een bewerking van 2 interviews met Tim Jackson : zie hier en hier.