Translate

zondag 7 februari 2016

Komt er een bewust in elkaar gezette olieschok ?

"Ik had nooit gedacht dat ik zou wensen, zelfs zou bidden voor hogere olieprijzen, maar dat is nu echt wat ik doe," zo zegt Han de Jong, hoofdeconoom bij ABN Amro Bank.  "De wereld heeft heel hard hogere olieprijzen nodig."


De westerse consument heeft natuurlijk baat bij een lage olieprijs, maar toch zijn er grote nadelen verbonden aan de huidige situatie.  De winstcijfers van de grote oliebedrijven dalen. Olieproducerende landen hebben het moeilijk.  Zelfs in die mate dat het risico op een faillissement van Venezuela reëel geworden is : zo denkt de markt dat de schuldpositie van het land onhoudbaar is gewordenIn haar laatste artikel haalt oliekenner Gail Tverberg maar liefst 10 redenen aan waarom een prijs van minder dan 30 dollar per vat olie problematisch is voor de wereldeconomie.

Een fundamenteel gegeven van vandaag is de mismatch tussen vraag en aanbod. Door te lage olieprijzen gedurende een te lange periode gaat er olieproductie verloren.  Samengevat kan de wereldeconomie niet behoorlijk functioneren zonder een adequate toevoer van olieproducten.


&&&


William Engdahl (1944) is een Amerikaans-Duits historicus, economisch researcher, journalist en auteur.  Zijn boeken "A Century of War - Anglo-American Oil Politics and the New World Order", "Gods of Money - Wall Street and the death of the American Century" en "Full Spectrum Dominance" zijn werkelijk verplichte lectuur voor eenieder die de - onaangename - waarheden wil vernemen van onwaarschijnlijke geopolitieke -, en financieel-economische machtsprocessen die zich achter de schermen afspelen.

Engdahl heeft een sterk van de consensus afwijkende mening ontwikkeld over het hoe en waarom van de huidig lage olieprijs.  Hij is ervan overtuigd dat er ook andere elementen spelen dan alleen overproductie.  
Volgens hem is de herintrede van Iran op de internationale oliemarkt niet de oorzaak voor de scherpe prijsval sinds 1 januari.  Hij citeert Seyyid Mohsen Ghamsari, een van de topmensen van de Nationale Iraanse Oliemaatschappij : "Iran... will try to enter the market in a way to make sure the boosted production will not cause a further drop in prices...  We will be producing as much as the market can absorb." Ook is het volgens hem niet juist dat de Chinese olievraag in mekaar is gestort.  Het land werd in 2015 zelfs de grootste importeur met een jaar-op-jaarstijging van 8,9%.

Engdahl ziet nog twee bijkomende geopolitieke redenen die eerder een stijging dan een daling van de olieprijs hadden moeten uitlokken.  Ten eerste is er de Russische beslissing om de Syrische president Assad te hulp te snellen via doorgedreven luchtaanvallen tegen terroristische installaties.  Ten tweede was er de spectaculaire breuk in de Turks-Russische betrekkingen, naar aanleiding van het door Navolid Turkije neerschieten van een Russisch gevechtsvliegtuig boven Syrisch grondgebied.

Maar ook in oliemacht Saoedi-Arabië rommelt het.  Door de ingezakte olieprijs zijn de inkomsten van het land ernstig teruggelopen en kijkt men aan tegen een begrotingstekort van maar liefst 16% van het BBP.  Engdahl meent dat, aansluitend op de reeds bestaande politieke spanningen in het Midden-Oosten tussen een soennitisch blok (Saoedi-Arabië, Turkije en de Arabische Golfstaten) enerzijds en een sjiietische 'coalitie' (Syrië, Irak en Iran) anderzijds, er zich een nieuw destabiliserend gegeven aandient.

Op 28 april 2015 benoemde de 80-jarig oude Saoedische koning Salman bin Abdoel Aziz Al-Saoed namelijk zijn 30-jarige zoon Mohammed tot plaatsvervangend kroonprins.  Op 2 januari van dit jaar of kort ervoor liet de - als instabiel omschreven - Mohammed de gerespecteerde sjiietische sjeik Nimr Baqr al-Nimr terechtstellen.  Al-Nimr was het boegbeeld van de onderdrukte sjiietische minderheid (ongeveer 25% van de bevolking) in het land, die vooral geconcentreerd is in de olie- en gasrijke oostelijke provincie.

Op 3 december 2015 lekte de Duitse inlichtingendienst een memo naar de pers waarin gewaarschuwd werd voor de groeiende macht van kroonprins Mohammed die in die nota omschreven werd als emotioneel en onvoorspelbaar : "The previous cautious diplomatic stance of older leaders within the royal family is being replaced by a new impulsive policy of intervention."

&&&

Megabank Goldman Sachs verklaarde een paar weken terug dat een olieprijs van 20 dollar allicht noodzakelijk is om de oliemarkt te stabiliseren en af te raken van het overaanbod.  De laatste keer dat Goldman Sachs en Wall Street-collega's een belangrijke voorspelling lanceerden omtrent de olieprijs, was in de zomer van 2008.  Een vat olie noteerde 147 dollar - een recordprijs - en Goldman voorspelde toen dat olie op weg was naar 200 dollar. Engdahl schreef in die periode dat, omwille van het overaanbod, net een tegenovergestelde prijsbeweging zou plaatsvinden.  Merkwaardig genoeg werd dit feit alleen door Lehman Brothers opgemerkt.

In december 2008 was de olieprijs (Brent standaard) weer spectaculair teruggevallen naar 47 dollar.  Volgens Engdahl was de ondergang van Lehman, die de aanzet was tot een diepe wereldcrisis, een bewust manoeuvre van toenmalig Amerikaans minister van Financiën Hank Paulsen, ex-president van Goldman Sachs.  
Hij stelt de volgende indringende vraag : "Did Paulsen's cronies at Goldman Sachs and other key Wall Street mega-banks such as Citigroup or JP Morgan Chase know in advance that Paulsen was planning the Lehman crisis to force Congress to give him carte blanche bailout powers with the unprecedented TARP funds of $700 billion ?"  Hoe dan ook maakten Goldman en co, dankzij het gebruik van oliederivaten, naar verluidt een gigantisch pak winst door te gokken tégen hun eigen, door henzelf gehypte, 200 dollarvoorspelling. Een klassiek voorbeeld van hoe deze vampierinstellingen, die eerst grote partijen (in dit geval grote Chinese oliekopers) overtuigen van een bepaalde prijsbeweging, vervolgens met tegenovergestelde speculatiepraktijken enorme - oneigenlijke - winsten opstrijken.

De Amerikaanse schalie-oliebusiness, die het grootste gedeelte van de stijgende olieproductie in de VS sinds ongeveer 2009 voor haar rekening neemt, zal te maken krijgen met massale faillissementen.  Twee boosdoeners zijn hiervoor verantwoordelijk : de zeer lage olieprijs en de financiële houdgreep vanwege de grote Wall Street-bankiers zoals Citigroup, JP Morgan Chase enz.  Het zou zowel die Wall Street-giganten als hun historische klanten, het 'Big Oil'-kartel (bestaande uit ExxonMobil, Chevron, British Petroleum en Shell), goed uitkomen dat de 'schalie-oliecowboys' op de fles gaan.  Want dan kan de gezamenlijke controle over de wereldoliemarkt herwonnen worden.  De aankomende kredietbeoordeling ('loan review') door de grote financiële instituten in april zou in die zin aanleiding kunnen geven tot een ernstiger faillissementengolf van schalie-olieproducenten.


&&&

Enkel de afbouw van de winning van onconventionele olie zal de prijzen niet terugbrengen (dalende wereldvraag, groot aanbod uit het Midden-Oosten) naar een prijsniveau van 70 à 90 dollar wat 'Big Oil' en hun Wall Street-bankiers goed zou uitkomen.

Engdahl, met al z'n ervaring, feitenkennis en netwerk, gelooft dat de wereld nog dit jaar een nieuwe, grote olieschok te wachten staat.  Dat er zich iets dramatisch en onverwacht aan het ontwikkelen is op de wereldoliemarkt : "Is something very ugly brewing in the Persian Gulf that will dramatically push oil prices up later this year?  Is a real shooting war between Shi'ite and Saudi Wahhabi oil states brewing?  Until now it has been a proxy war in Syria primarily.  Since the execution of the Shi'ite cleric and Iranian storming of the Saudi Embassy in Teheran, leading to a break in diplomatic ties by Saudi and other Sunni Gulf Arab states, the confrontation has become far more direct.  Dr. Hossein Askari, former adviser to the Saudi Finance Ministry, stated, "If there is a war confronting Iran and Saudi Arabia, oil could overnight go to above $250, but decline back down to the $100 level.  If they attack each other's loading facilities, then we could see oil spike to over $500 and stay around there for some time depending on the extent of the change."

&&&


Krijgt William Engdahl gelijk ?  Een ding staat vast : in zijn boeken en artikels toont hij duidelijk aan dat er op de achtergrond van o.a. olieprijsontwikkelingen heel andere krachten actief zijn dan zichtbaar voor het grote publiek.


&&&

Reactie van Diederik Schmull op dit stuk (17/2/16) :

Mijn mening is nog steeds, dat de Olieprijs uiteindelijk de richting opgaat van $ 10 tot $ 20 per barrel. 
Dat is de marginale kostprijs, waar de overproductie eindelijk stopt.

Natuurlijk is er een tijdelijke, scherpe opvering  mogelijk vanwege geopolitieke ontwikkelingen. Maar dat duwt de wereldeconomie nog verder in het slop. Consumentenbestedingen storten in. Investeringen laten het afweten. Koersen glijden de afgrond in.

Elk prijsherstel in de olieprijs is daarom een verkoopgelegenheid. We hebben hier te maken met een STRUCTURELE prijsafbrokkeling in verband met de economische stagnatie en daaropvolgende economische depressie.  Het is heel begrijpelijk, dat degenen, die de instorting van grondstoffenprijzen niet zagen aankomen, nu in een ontkenningsfase verkeren. Hoe is het toch mogelijk, dat men blijft hopen op een fors economisch herstel, als de olieprijs weer stijgt, wat een belastingverhoging is. De meesten hadden juist verkondigd, dat een lagere olieprijs positief was!

Zelfs als WWW III zich zou uitbreiden (Turkije is lid van de NATO en zou een oplawaai kunnen krijgen van Rusland), dan zou de wereldhandel in elkaar ploffen. 



Een reactie posten